De jeugdhulp staat op klappen - WMO training

“De Jeugdbescherming staat op klappen.”
“De jeugdhulpverleners lopen weg.”
“Er is een tekort aan jeugdconsulenten”.
“Gemeenten komen de helft tekort op hun budget voor jeugdhulp”.
Zomaar wat koppen in de media die ik regelmatig tegenkom. Behoorlijk alarmerend, vind je niet?

Dit betekent dat kinderen en hun ouders geen of onvoldoende hulp krijgen terwijl er grote problemen zijn in het gezin. Zoals vader Aziz die, heel ongebruikelijk (want meestal is het de jeugdzorg die een rechtszaak aanvraagt), naar de rechter ging om zorg te eisen voor hem en zijn kinderen. De reden was dat hij al zo lang zijn kinderen niet had gezien omdat ze niet veilig bij hem waren. Slechts een telefoonnummer kreeg hij en daarna gebeurde er niets. De advocaat: “De jeugdbescherming staat op klappen, het is kapot geprotocolleerd en de medewerkers lopen weg”.
Zelf merken we het ook in de opleidingen van de WWZ Academie: Slechts een handjevol cursisten volgt de opleiding Jeugdconsulent en als we in de Facebook studiegroepen startersvacatures plaatsen voor een functie jeugdconsulent, dan reageert daar niemand op. Enerzijds vanwege het imago van jeugdconsulent, anderzijds vanwege de vaak verplichte SKJ registratie waar zelfs jeugdhulpverleners met 20 jaar werkervaring, maar met een MBO opleiding of een SPH opleiding van meer dan 6 jaar oud niet voor in aanmerking komen. Waardoor ze ondanks al hun werkervaring nog een EVC traject moeten doorlopen. Het helpt voor de organisaties niet mee om goede jeugdhulpverleners en jeugdconsulenten te werven.

Oma vertelt”: Toen ik orthopedagogiek studeerde, 35 jaar geleden, was het niet anders in de jeugdhulpverlening en jeugdbescherming. De RvdK, de Raad voor de Kinderbescherming, stond niet goed aangeschreven. Het was bepaald geen favoriet stage-adres. Liever zochten we een stage bij instellingen voor kinderen met beperkingen of bij Mytyl- of Tytylscholen. Of bij een vooruitstrevende stichting voor jeugdhulpverlening. Over de RvdK kregen we alleen maar berichten dat het zo’n bureaucratische organisatie was en dat ouders en kinderen er niet beter op werden als ze daar terecht kwamen.

Nu verschijnen er allemaal rapporten over hoe slecht de gemeenten het doen met de jeugdhulp en dat de transitie van de jeugdzorg in 2015 zo’n slecht idee was, achteraf bezien. Maar mensen, verdiep je eens in wat er voor 2015 gebeurde onder regie van de provincies! Voor de ouderen onder ons: Herinner je je nog de regelmatige krantenkoppen over de eeuwige wachtlijsten bij Bureau Jeugdzorg? Dat de provincies en de Stadsregio’s er maar geld in bleven pompen en dat de wachtlijsten niet werden opgelost? Dat het een drama was voor ouders en kinderen als ze bij Bureau Jeugdzorg terecht kwamen vanwege alle bureaucratie?
Het was toen niet beter en nu net zo slecht of net zo goed, net hoe je het wilt noemen. Voor de gemeenten was de jeugdhulp in 2015 een nieuwe tak van sport. Ze hadden prachtige beleidsplannen geschreven over de eigen kracht van het gezin enzo, maar in de praktijk huurden zij de oud-medewerkers van de Bureaus Jeugdzorg in, die hun baan kwijtraakten, waardoor de werkwijze nagenoeg niet veranderde. En de door het Rijk gewenste bezuinigingen niet van de grond kwamen, waardoor bijna iedere gemeente inderdaad flink geld tekort komt op de budgetten die ze krijgen van het Rijk. Het lijkt erop dat VWS nu toch weer met de hand over het hart strijkt en er weer geld bij komt. Wat natuurlijk weer te weinig is en we op dezelfde voet verder gaan. Zo lang we alleen bezig blijven met stelselwijzigingen, dus systeemveranderingen, en we niet werkelijk in gesprek gaan met de mensen om wie het gaat en de bovenliggende problemen (veelal financiën en vechtscheidingen) niet oplossen, zal er niets veranderen en zal er veel geld nodig zijn voor hulpverlening (ondanks dat Nederland vergrijst!). Daarmee groeit opnieuw een generatie kinderen op met problemen waarmee zij in hun volwassen leven, met hun eigen gezinnen, zullen moeten dealen.

Mijn pleidooi blijft: Ga het echte gesprek aan met de ouders en kinderen om wie het gaat. Onderzoek welke problemen volgens hen bovenliggend zijn en ga daarmee aan de slag. Zijn het financiële problemen? Dan ligt daar geen taak voor het jeugdteam, maar voor een organisatie voor budgetbeheer of schuldhulpverlening. Is er sprake van een vechtscheiding? Schakel dan eerst een mediator in voor de ouders. Je zult zien dat er dan meer rust in het gezin komt waardoor ouders weer in staat zijn om te gaan opvoeden. Want ze houden van hun kinderen en willen niets liever dan een stabiel gezin.